De koningin van Hommersum

Vandaag is het palmzondag, met een onverwacht uitbundige zon, om dat wat komen gaat extra in de glans te zetten. Het is nog redelijk vroeg in de ochtend, ik zwier langs de Niers, kleine afstammeling van de Maas, die zich met frivole bochten een weg dartelt door de vrije natuur. Bij Hommersum takt de volgende generatie af in de vorm van de Kendel, die dan meteen ook de grens met Duitsland vormt. Via een stukje niemandsland, een grijze vangrail dwars over de weg als een halve roadblock omzeilend, steek ik deze jonge spruit over en beleef ik mijn blijde intocht op aluminium ezel in het hart van het dorpje. Een rustiek pleintje met wat picknickbankjes, waar nu wat senioren met e-bikes pauzeren. Er staan borden met toeristische informatie, en vele richtingaanwijzers met fietsbestemmingen, beloftes met nog onvervulde verlangens.

Hommersum is een dorpje voor plusminus 450 inwoners met niets behalve een kerk aan de oostzijde, en dit hier dus, waar ik me nu bevind.
Aan de kant vanwaar ik kom is dit verstilde kruispunt nog omzoomd met klassieke bomenpracht. Vogels nestelen zich en fungeren met hun gezang als de herauten van de pré-zomerse oprisping.
Aan de andere kant, waar ik dus op uitkijk, staat een onooglijk gebouw. Het zou een schoolgebouwtje of wie-weet ooit een grenskantoor geweest kunnen zijn. Als je niet beter weet zou je er zo aan voorbij fietsen. Zo niet ik, hier zetelt de dorpskroeg. Er is weinig aan de buitenkant dat wijst op enige animositeit. Er hangt een bord boven de ingang met de aanduiding van de Gaststätte. En er is een lampionnetje met het biermerk Diebels Alt 'das freundliche alt' en daaronder de naam van de eigenares: Regina Evers. Er staan geen terrasstoelen buiten, ook al lopen de temperaturen nu snel op richting 20plus. Achter het raam hangt een poster van een jazzfestival binnenkort in Goch, dé grote plaats in de omgeving.

 

 

Ik parkeer mijn fiets tegen het muurtje, loop het bordes op, duw de deur open, en kom uit in een halletje met wat extra toegangen. Rechtdoor lijkt de ingang voor het woonhuis. Van links klinkt wat geroezemoes door, onmiskenbaar het geluid van mensen die zich vermaken in een etablissement.
Binnen tref ik een sober of ietwat oubollig ingerichte ruimte aan, alle interieur-modes zijn aan Hommersum voorbijgevlogen. Linksvoor een tafelvoetbalspel, waar ik nog nooit iemand achter heb zien staan. Rechtsachter zitten vier mannen van oude leeftijd (ouder dan ik schat ik), druk bezig met een kaartspel. Tot driemaal toe vraag ik hun hoe het spel heet, ik weet het nog steeds niet. Buiten kraait een haan. Achter hen aan de muur hangt een grote vooroorlogse pentekening van Kleve (die andere grote stad in de buurt).
Rechtsvoor twee mannen (van gelijke leeftijd) op krukken aan de toog achter hun pilsner. De pils, het schuim twee vingers dik, is hun getapt door een pronte dame achter de tapkast: Regina. Regina is 85 jaar oud. Ze staat er als een moeke, of moeder Gusta, te waken over de zielen in haar dorp. Verder is er niets. Er liggen wat snickers, en mini-worstjes.
Geen wifi, maar bifi.

Achter de gelagkamer bevinden zich grote ruimtes voor bruiloften en partijen. Al lang niet meer gebruikt, verzucht Regina. Op de deur die toegang geeft tot de zaal hangt de uitslag van het laatste Criterium van Hommersum. Het lijkt een tijdrit, want er worden tijden vermeld. Snelste tijd 31 minuten over 21 kilometer. Eind augustus de volgende editie.
Regina vraagt mij wat ik wil. Ik bestel eine Tasse Kaffee. "Das wird einige Zeit dauern." En ze trekt zich strompelend achter de rollator terug in de keuken. Ik praat wat met het tweetal aan de bar. Over de vraag wat Pasen voor hen nog betekent, of ze iets hebben gedaan waarvoor vergiffenis gevraagd zou kunnen worden. "Zuviel trinken", klinkt het. Regina is terug, zet de koffie met koekje voor mijn neus. En meteen krijg ik de vraag of dat mag: eten in vastentijd. Regina corrigeert mijn Duits: "Wir sind allen Sünder". En prompt kijkt ze weer stil voor zich uit.

 

 

Ik neem afscheid, en vervolg mijn processie richting Viller Mühle. Een voormalige korenmolen, inmiddels beleveniscentrum voor allerlei festiviteiten met een omvangrijke verzameling curiositeiten, onder het motto: alte Zeiten erleben. Een man op een fiets die mij tegemoetkomt groet me spontaan.
Het kaffee van Regina staat te koop.

Marc Peeters
April 2017