Een held in Helden

Die ochtend draait Sander zich nog eens om. Zijn moeder heeft hem reeds enige malen van onder de trap toegeschreeuwd dat de boterhammen klaar zijn.
Uiteindelijk verschijnt hij aan de ontbijttafel. “Zo jong, met het verkeerde been uit bed gestapt?”, vraagt zijn moeder, de koffie inschenkend.
“Nhahhh”, komt het er wat chagrijnig uit. “Mam, ik ben vanavond uitgenodigd bij Tijn Smits, die geeft een feestje.”
“Is dat met al die Lonsdaal-types?”
“Lonsdale mam, het is Engels!”
“Gedraag je een beetje, ook in die groep, ik hoor allerlei negatieve geluiden hier in het dorp. En de familie Aouïta voelt zich ook niet veilig met jullie in de buurt.”
“Fuck met die Marokkanen, wie is nu het probleem hier?”
“Je zou beter moeten weten. Hoe laat ben je vanavond thuis?”
Sander trekt een balorig gezicht: “Weet ik veel.”
“Moeten we anders de politie waarschuwen?”
“Schei uit. Ik moet nu naar school.”
Hij grist nog een stuk peperkoek weg onderwijl zijn schooltas om de schouder gooiend.
Snel rent hij weg, in zijn Lonsdale-outfit.

- - -


Op het schoolplein is een samenscholing. Tijn Smits staat in het midden, sjekkie in de mond, druk gebarend. Zijn omstanders reageren met gejoel en geschreeuw. Sander verstaat het niet helemaal.
Hij schiet een andere jongen aan, ook Lonsdaler.
“Hé Joost, wat gebeurt hier?”
“Hé jochie, kom je ook nog eens kijken? Och, het zijn die Aouïta-jongens die de zaak in de klas verpesten. Ze hebben voortdurend het hoogste woord en gister begon er dan een over Theo van Gogh. “Goed dat ie dood is”, werd er gezegd.
“En toen?”
“Jansen, die ‘siep’ van maatschappijleer, probeerde toen een discussie in de klas op gang te brengen. Over vrijheid van meningsuiting en dat geneuzel.”
“Haha, en toen?”
“Ja, toen kwam Tijn aan het woord en die zei dat die lui met die soepjurken bij die kutmoskee hier om de hoek daar geen boodschap aan hebben. En dat ie doodziek werd van dat gejengel van die mafkezen daar boven op die minaretten. Kopje kleiner maken, waren zijn laatste woorden.”
Joost buigt zich samenzweerderig voorover. “En dat denken er meer!”
“Ja .. ja!”, spreekt Sander, terwijl hij zichzelf langer tracht te maken.
Hij probeert zich in de groep te mengen. Anderen duwen hem echter terug.

- - -


Sander lurkt aan een flesje goedkoop supermarktbier. Op de achtergrond klinkt het “...we could be heroes, just for one day…”. Hij graait wat uit de bak met chips. Links en rechts is gelal te horen. In de hoek, ziet hij, wordt zelfs gevoosd.
Plots hoort Sander uit een ander kamertje de stem van Joost. “Hé jongens, kom hier eens kijken.” Iedereen verdringt zich rond de plek waar Joost achter de PC zit. Sander kan nog net ergens tussendoor een glimp opvangen.
“Ik zat alleen maar wat te Googlen rond Theo van Gogh en dan kom ik hier bij zo’n ‘Marokkie’-site uit.
Moet je kijken, hier hebben ze links naar allerlei rechtse clubjes, waaronder ook de Lonsdale.”
“Godver de godver….., van wie komt dat?”, roept Tijn Smits.
“Als we nu niets laten horen, dan worden wij geslachtofferd.”
“Pak dat vuurwerk. Kom op jongens, er op af!”

- - -


Sander voelt de adrenaline door zijn lichaam stromen. Hij gloeit van binnen. Nu gaat het gebeuren. En hij is er bij De eerste delen van de moskee zijn reeds in de fik gestoken. Een luid gejuich weerklinkt. Het meegenomen kratje bier wordt soldaat gemaakt.
“Aan het gas met die geitenneukers!”Van opwinding begint Sander ook mee te springen en te brullen.
Tijn Smits kijkt om. “Zo Sandertje, grote jongen hè.”
Sander ziet nog een vuurpijl liggen, steekt hem aan en gooit ‘m uit alle macht richting de moskee.
De vuurzee wakkert meteen aan. “Wow, yes!”, schreeuwt hij het uit.
De vlammen slaan nu links en rechts uit het gebouw. Sanders’ wangen beginnen ervan te gloeien. Grote rookpluimen dwarrelen naar boven.
Na een tijdje roept Tijn Smits, met overslaande stem: “Kom op, wegwezen hier, voordat de ‘pliessie’ eraan komt.”
Blind, vol angst, zet Sander het op een sprinten. Tot hij na een tijdje omkijkt, en niemand meer ziet.
“Verdomme!”

- - -


De volgende ochtend opent het Radio1-journaal met ‘In een moskee in het Limburgse Helden heeft brand gewoed. Dat heeft de plaatselijke politie meegedeeld. Verdacht wordt een groep autochtone jongeren, die bekend staan als zogenaamde Lonsdalers’.
Sander draait zich nog eens om.

februari 2005